18-12-07

Amiot Père et Fils, Morey-Saint-Denis 2002


Herkomst: Frankrijk.
Origine: Bourgogne, Côte de Nuits, Morey-Saint-Denis.
Blend: 100% Pinot Noir.
Prijs: € 23,50.

Je kan soms wel eens een echte verrassing tegenkomen als je je af en toe een beetje wild kopen permitteert. Wel, deze wijn was er zo eentje. Op zich een simpele Villages-wijn, zoals veel Bourgogne-freaks zouden zeggen, nog niet eens van een geweldige wijnboer, ... ok, wel een goed jaar, dat wel. Never mind the bollocks. Ik vond zulke lofty overpeinzingen vroeger zo irritant snobbish dat ik al maar meteen niet veel van Bourgogne moest weten. Het was voor mij zo'n beetje typische kennerspraat. Je weet wel: veel namen noemen, veel oogstjaren met zelfs de nodige oogstinfo kunnen opdreunen, opsnijden over de x-aantal keren dat ze DRC, Henri Jayer of Clos de Tart hebben gedronken en eigenlijk - als puntje bij paaltje komt - er toch geen bal van kennen, want als het proeven aankomt wordt die verketterde Spätburgunder vast en zeker een Côte de Beaune en die Jura-Pinot is vast en zeker een Clos de Vougeot.
Wel, ik moet natuurlijk niet veel zeggen: ik ken geen snars van Bourgogne, echt niet, ik zou ook zulke fouten maken ... (laatst werd een Barbaresco eerst nog een Chambolle voor ik 'm goed had), maar deze wijn zou ik zonder blozen iedereen willen voorzetten. Die onnozele idee over de inside-Burgundytalk heeft me er eigenlijk altijd domweg van weerhouden om me er eens in te verdiepen, allez, om er op te blokken (want dat moet je, wil je van die feodale wirwar iets snappen) en eindelijk eens wat meer te leren kennen van de streek die volgens velen de enige echte wijnstreek van de wereld is. Maar ja, het kan verkeren: plots kom je mensen tegen die rondwandelende encyclopedieën van Bourgondië zijn, je verhuist en je blijkt ineens vlak naast een wijnwinkeltje te wonen dat gespecialiseerd is in ... Bourgogne, juist ja, je trekt twee lucky hits open na elkaar, je gaat naar een proeverij met zo van die wijnen waar 'echte kenners' graag over opscheppen, ... , allez een mens maakt wat mee.
ChateauneufPlots vind ik Bourgogne dus wel verdomd interessant en even plots kan ik niet begrijpen waarom ik nooit gewild heb. Even terug in de tijd levert me een idyllisch tafereel op van mezelf aan een zware eikenhouten tafel bij het knetterende haardvuur met m'n ouders in een minuscuul dorpje in de Côte d'Or dat Châteauneuf heette. Geen dooie ziel te bespeuren daar, alleen de hotelier en de hotelgasten (wij dus). Met z'n zessen of zo in een verlaten, half vervallen dorp (intussen helemaal gerestaureerd) met alleen nog een reusachtige middeleeuwse burcht en een prachtige Romaanse kerk, bij knetterend haardvuur, leren fauteuils, rustieke antieke kasten ... romantisch niet? En lap daar gaat ie weer: als ik over een goede Bourgogne-ervaring (cfr. main blog) begin wordt ik weer lyrisch, bijna op het melige af (of helemaal?!). Enfin, het was hier dat ik een eerste glas Chapelle-Chambertin proefde (ik was zo trots dat ik de naam kon uitspreken), m'n eerste niertjes at en verlekkerd werd op escargots.
Bij deze wijn was het weer meteen raak: ik dreef bij de eerste slok (nog wat gesloten, fijne houttoets en kersenpit) weer weg in die herinnering. Gelukkig was Myrdin er nog om me terug naar de grote-mensenwereld te sleuren. Ik weet niet precies waaraan het lag dat ik zo plots weer een duik de melancholie Coolin nam. Ik vermoed dat het iets te maken heeft wat je - volgens niet die 'echte kenners', maar de  'echte' echte kenners  - alleen blijkt te hebben op Pinot Noir en dan vooral echt goede Pinot Noir: een ontzettend frêle, bijna fragiele en tegelijkertijd bodemloos diepe smaak, een heerlijke en tegelijkertijd beangstigende diepte waar je net als met een sierlijke, krachtige vortex ingesleurd wordt. Een beetje zoals het "Öd und leer das meer" of het begin van de finale van de vierde van Brahms.
Ik wilde echter zeker zijn van m'n ontdekking en  daarom proefde ik hem nog eens in andere omstandigheden op m'n eentje, zonder eten erbij. Het resultaat was nagenoeg hetzelfde: herinneringen van de vochtige stenen kelders van het château, de woeste, onherbergzame valei rondom (zeldzaam in Bourgogne, maar in het Zuiden zijn er zo een paar) en de hearty food bij het knetterende vuur. Er was daar ook nog ergens een Ierse setter ... . Deze wijn begon zo stilaan een madeleine te worden. Terug naar af dan maar, want van literaire cliché hou ik nu niet echt.
Enkele weken later stelde ik foodfan dan maar eens voor een gerecht bij te verzinnen. Ik dacht, ik zeg eens niks, alleen dat ik iets in de trant van pluimwild zie zitten. Het resultaat mocht er weer eens zijn: beide partners in foodcrime laten zich van hun allerbeste kant zien als ze gecombineerd worden. Het elegante en sierlijke karakter van deze Morey-Saint-Denis gaat nergens een gevecht aan met het delicate vlees van de fazant en anderzijds houden de rotsvaste en gedragen structuur hem mooi op z'n plaats bij de doordringende smaken van de cantharellentaartjes en de spruitjespuree.
Het sappige rode fruit dat hier over je tong danst, wordt verrijkt met een crèmige mokkatoets, lekker kruidig varenblad, een klare houttoon, wat glitters cassis en dat allemaal met een fenomenale precAmiot bewerktisie. Hier en daar komt er wat pels piepen en springt er een champignonnetjes mee in het spel. Mooi in focus, een rijpe spankracht over het geheel, al heel zachte tannines en een finale die ongeveer eindeloos is met kriekensaus en zoet hout. Het fijne tikkeltje uitstekend varenblad maakt deze wijn zo lekker bij de misschien wat lichtjes zerpe wildsmaak van de fazant en de kruidigheid van de cantharellen, terwijl het crèmoso wordt herhaald in de spruitjespuree. In alle andere opzichten zijn wijn en recept heel verschillend qua smaakprofiel en net daardoor laten ze in dat verschil elkaars gelijkenissen nog extra uitkomen zo lijkt het wel. Het hartige karakter van de fazant en de bijgerechtjes steekt scherp af tegen de rijpe zoete kersjes van de Pinot. Het stevig doorsmakende karakter van de spruitjes en de cantharellen wordt absoluut niet weerspiegeld in de zoetsappigheid en de frisheid van de wijn, maar hij brengt wel het lichtjes zoete en zelfs wat belegen karakter van de spruitjes goed naar boven in het benadrukken van zijn eigen frisheid. De aldehydische/thiolische mix van de cantharellen met het krokante, maar coatende bladerdeeg wordt goed verlicht door de frisse zuren van deze Morey-Saint-Denis, en het zachte vlees van de fazant brengt iedere keer weer die vluchtige flitsen van tertiaire smaken als pels en champignons op de voorgrond. Het geheel is dus een heel intrigerende wisselwerking tussen wijn en gerecht waarbij ze beiden hun complexiteit ten volle kunnen tentoonspreiden. De savoureuze al wat rijpere afdronk van de wijn en die complexe wisselwerking maken deze marriage de perfecte combinatie om langzaam en rustig keuvelend bij te eten al dan niet met haardvuur en Ierse setter ... .


Beoordeling: 96/100.grapegrapegrapegrapegrape
Geproefd op: 3.12.2007.  

23:36 Gepost door Amaronese in Frankrijk | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |